Boekbespreking

Leuk als je een boekbespreking houdt over mijn boeken! Als je iets wilt weten, kun je me altijd mailen met je vragen. Ik beantwoord je vragen graag. Maar ik dacht: misschien kan ik op een aantal vragen nu al antwoord geven. Op deze site. Vragen die ik vaker krijg. Hier komt ‘ie:

Hoe gaat dat, een boek schrijven?
Dit is ongeveer wat er gebeurt als ik aan een boek schrijf. Ik zit. Gewoon thuis, aan tafel. Ik tik op mijn computer. Ik staar voor me uit. Soms ga ik ook even in bed liggen, om nog iets beter na te denken.

Soms wil ik wat afwisseling. Dan ga ik in een café zitten schrijven. Dit café bijvoorbeeld, want daar hebben ze de allerlekkerste kaneelbroodjes van de hele wereld.

Klinkt niet heel spannend, he? Maar dat is het wel. In mijn hoofd maak ik zoveel mee. Meer dan ooit zou kunnen. Want in mijn hoofd ontmoet ik oppasninja’s, heb ik stemmenslurpers, kom ik terecht in Hotel Tussentijd of zie ik een Jani Kekke. Lees maar in mijn boeken.

Het lettertype dat ik gebruik als ik schrijf is trouwens Calibri. Altijd. Ik weet niet waarom.

IK WEET NIET WAAROM IK DIT LETTERTYPE GEBRUIK. HET IS GEWOON MIJN TYPE.

Hoe kom je op je ideeen?
Kinderen vragen vaak hoe ik op een idee kom. Of hoe je een boek schrijft. Ik vind het altijd lastig om antwoord te geven op die vraag. Meestal begint een boek bij mij met een beeld dat ik zelf interessant vind en dan ga ik daarop doordenken. Hotel Tussentijd begon bijvoorbeeld met het beeld van een meisje dat zich van schaamte heeft verstopt onder een tafel, en een man die zich ergens anders ook van schaamte op zijn kantoor onder de tafel heeft verstopt. Hoe ik daarbij kwam, weet ik niet, maar ik vond het wel een mooi idee dat schaamte iets is dat iedereen kent. Het maakt niet uit hoe oud je bent, wat voor werk je doet, waar je woont… Die tafel werd een wc, en de plek waar al die verschillende mensen in hetzelfde schuitje elkaar ontmoeten, werd Hotel Tussentijd. Voor mij is het schrijven van een verhaal iets waarbij ik zelf gaandeweg ontdek waar het over moet gaan. Dat maakt het ook zo spannend.
Wat is van al je boeken je lievelingsboek?
Van de boeken die ik heb geschreven heb ik niet een lievelingsboek. Wel kan ik zeggen: mijn eerste boek, dat was het meest bijzonder. Want dat was de eerste keer dat een verhaal in mijn hoofd een boek werd met een kaft erom. En het boek waar ik het meest aan denk, is altijd het boek dat in mijn hoofd zit en nog een boek moet worden.
Hoe lang doe je over een boek?
Ik doe ongeveer een twee jaar over een boek, al duurt het soms langer en soms korter. Dat komt omdat ik niet alleen maar boeken schrijf. Ik werk ook nog als creatief producent. En in de afgelopen jaren kreeg ik twee kinderen. Soms verhuis ik en heb ik het daar druk mee. Soms heb ik even geen idee. Soms heb ik teveel ideeën en ben ik met van alles tegelijk bezig. Maar ik ben nooit niet bezig met een verhaal. Ik denk dat mijn hoofd gewoon zo in elkaar zit, de verhalen dringen zich vanzelf altijd weer op.
Wanneer wist je dat je kinderboekenschrijver wilde worden?
Als kind hield ik verschrikkelijk veel van lezen. Ik hield ook erg van het bedenken en schrijven van verhaaltjes. Vanaf mijn negende dacht ik al dat ik wel kinderboekenschrijver zou willen worden (of ballerina of astronaut, maar daar is het niet van gekomen). In 2007 kwam mijn eerste kinderboek uit: ‘Jani Kekke en de Blauwe Dagdromer’.
Wie was jouw favoriete schrijver als kind?
Als kind was Roald Dahl mijn favoriete schrijver. Daar heb ik alles van gelezen. ‘Gruwelijke Rijmen’ was mijn favoriet. Een ander boek dat ik heel mooi vond was Kleine Sofie en Lange Wapper van Els Pelgrom. De Donald Duck las ik ook heel graag.
Is kinderboeken schrijven je baan?
Ja. Maar ik schrijf niet alleen verhalen, ik werk ook als creatief producent bij Paradiso. Dat betekent dat ik allerlei festivals en culturele avonden bedenk en organiseer in Paradiso, een prachtig gebouw in Amsterdam waar allerlei culturele evenementen plaatsvinden. Met name popmuziek, maar ik organiseer vooral avonden met gesprekken, literatuur of kunst. Mijn werk is druk, soms hectisch en ik werk per project steeds weer met andere mensen. Schrijven is stil in je eentje aan een bureau zitten. Tot nog toe vind ik het heerlijk dat ik allebei mag doen.
En dan nog een vraag van mij aan jou: wil je nog iets leuks uitdelen in de klas?
Als het over Timo en de Oppasninja gaat, kun je dit uitprinten, een echte ninja vliegtuigbrief:


> Download de grote versie om uit te printen

Je kunt ook leren hoe je een ninja tekent in zes stappen:


> Download de grote versie om uit te printen

Of wil je een filmpje laten zien?
Hier zie je Edwin versneld aan het werk:

 

Wil je nog iets weten? Mail me! info@lisaboersen.nl